Vraag 1. Inwonertal

Hoeveel inwoners telt uw gemeente?

Vraag 2. Het organisatiemodel van de gemeente

Gemeenten maken verschillende keuzes ten aanzien van de inrichting van de organisatie. Van belang hier is met name of uw gemeente een min of meer ‘traditionele’ organisatiestructuur kent, met inhoudelijk gedefinieerde (hoofd)afdelingen naast elkaar - waarin beleid en uitvoering bij elkaar zijn gepositioneerd. Of een zgn. ‘gekantelde’ (of deels gekantelde) organisatie, waarin strategisch beleid geconcentreerd is in een brede strategie- of beleidsafdeling en de uitvoeringstaken in een of meer uitvoeringsafdelingen.

Volgens welk model is uw gemeente georganiseerd?

Vraag 3. Veiligheidsproblematiek in de gemeente

Hier vragen wij naar de aard en omvang van de veiligheidsproblematiek in uw gemeente. Het gaat daarbij om een globale karakterisering, vooral ook in vergelijking met andere, goed vergelijkbare gemeenten.

Hoe zou u de veiligheidsproblematiek in uw gemeente willen karakteriseren, in verhouding tot vergelijkbare gemeenten?

Vraag 4. Samenwerking met interne partners en de borging daarvan

Samenwerking met interne partners kan gemakkelijker, ‘natuurlijker’ verlopen indien het team OOV in hun nabijheid is gepositioneerd (binnen hetzelfde domein bijvoorbeeld). Een neutrale positionering kan aan de andere kant voordelig zijn voor de zelfstandigheid en flexibiliteit van OOV. In deze vraag gaat het om uw visie daarop: is het wel of niet wenselijk dat OOV dichtbij of binnen een bepaald domein is gepositioneerd? En zo ja: welk domein dan? Wat betreft dit laatste punt kunnen bijvoorbeeld meewegen: uitgangspunten in het Collegeprogramma daarover, een zekere gelijkgestemdheid met bepaalde afdelingen als het gaat om de manier van werken en de maatschappelijke focus, en: de aard van de veiligheidsproblematiek.

Waar hoort OOV gepositioneerd te zijn in uw gemeente – in de ‘buurt’ van welke partners? (zodat de samenwerking gemakkelijk en natuurlijk kan verlopen) Of is juist een neutrale positionering belangrijk?

Vraag 5. Sturing binnen de gemeentelijke organisatie

In deze vraag gaat het om uw visie op hoe er gestuurd moet worden op veiligheidsthema’s. Is het in de komende tijd van belang dat er stevig gestuurd en doorgepakt kan worden, bijvoorbeeld door als OOV binnen een volwaardige, ‘gewone’ beleidsafdeling Veiligheid en Handhaving gepositioneerd te zijn (sturing op basis van volume en slagkracht)? Of dient de sturing te verlopen via netwerken, combinaties van harde en zachte sturing, op basis van ‘flexibiliteit en onafhankelijkheid’ als OOV?

Welke ambitie is aan de orde als het gaat om de interne sturing op veiligheid? Welk soort sturing is nodig?